In Nederland werken 1,3 miljoen mensen soms of regelmatig in de nacht, vooral in de zorg, productie en logistiek. De kans op een slechte balans tussen werk en privé is bij mensen die in de nacht werken meer dan 2,5 keer zo groot als bij werknemers die overdag werken.
Onregelmatige werktijden vergroten het risico op diabetes type 2, overgewicht, hart- en vaatziekten en slaapproblemen. Ook het prestatievermogen vermindert: 18 uur wakker zijn staat gelijk aan het effect van 2 glazen alcohol. Het eigen functioneren wordt overschat en het gedrag risicovoller, waardoor de kans op fouten en ongelukken op de werkvloer toeneemt.
Slaaptekort onontkoombaar
Onregelmatig werken is een mismatch met het natuurlijke ritme van slapen, eten en (sociaal) actief zijn. Slaap is cruciaal voor de fysieke en mentale gezondheid, maar slaaptekort is bij onregelmatige werk onontkoombaar. En toch werken we op grote schaal onregelmatig en in de nacht. Een weg terug lijkt er ook niet meer te zijn in de huidige 24-uurseconomie.
Visie op vitaliteit is nodig
Veel werkgevers zoeken duurzame inzetbaarheid in kortlopende en opzichzelfstaande initiatieven, zoals een vitaliteitsweek of een stoppen-met-roken-cursus. Maar die maken niet het verschil. Een visie op vitaliteit en een structurele investering in gezondheid, veiligheid en welzijn van medewerkers zijn noodzakelijk. Maar welke investeringen hebben effect?
Dat weten werkgevers pas als ze de impact van het onregelmatig werken kennen. Veel bedrijven verzamelen informatie, zoals werk- en rusttijden, verzuimcijfers, personeelssamenstellingen en man/vrouw-verhouding. Maar slechts weinig bedrijven combineren deze data om tot een overkoepelend inzicht te komen.
Kies voor een integrale benadering
Duurzame inzetbaarheid vraagt om een integrale benadering, met activiteiten, trainingen en interventies op het niveau van medewerker én werkgever.
Medewerkers hebben zelf invloed op een goede inspanningsbalans door hun arbeidsbelasting te managen en te zorgen voor voldoende ontspanning en herstel.
De werkgever heeft invloed op deze inspanningsbalans door de inspanning niet onnodig groot te maken. En door genoeg gelegenheid bieden voor herstel, bijvoorbeeld met verantwoorde werkroosters en ondersteunende faciliteiten. Daarnaast heeft de organisatie een belangrijk aandeel in de mentale belastbaarheid van medewerkers door te zorgen voor zinvol werk. Door te investeren in opleidingen en ontwikkeling en te zorgen voor voldoende sociale verbinding.
Hoe werkt dat in de praktijk?
Inmiddels is dit niet alleen theorie meer. De afgelopen 2 decennia is deze integrale benadering bij een groot aantal 24/7 bedrijven in de praktijk getoetst. Vele duizenden medewerkers zijn in die periode tijdens leefstijltrainingen geïnformeerd en geactiveerd.
Tijdens zulke trainingen krijgen zij uitleg over de fysieke en mentale gevolgen van onregelmatig werk en worden effectieve coping strategieën (tips en trucs) aangereikt. De nadruk ligt op het individu: wat kan de medewerker zelf doen om de negatieve effecten van onregelmatig werk op het gebied van slapen, eten, bewegen en herstel te ondervangen?
Individuele begeleiding helpt extra
Medewerkers gaan vervolgens aan de slag met een persoonlijk doel, bijvoorbeeld een aanpassing in het eetpatroon tijdens de nachtdienst. Zij ervaren daarvan zelf de eerste successen. De alertheid neemt toe tijdens de dienst en na afloop slapen ze langer en beter.
Deze resultaten worden robuuster wanneer medewerkers een aantal weken individuele begeleiding krijgen van een diëtist. Dat zorgt ervoor dat de verandering in het (eet)gedrag ook blijvend is. Zelfs precursors (voorlopers) van gezondheidsklachten, zoals verhoogde (pre diabetische) bloedsuikerwaarden, zijn te normaliseren met zo'n interventie.
Resultaten meer monitoren en meten
De extra arbeidsbelasting bij onregelmatig werk én het feit dat je de onderliggende oorzaak niet kunt wegnemen, vragen om een andere benadering. De focus moet meer komen te liggen op het motiveren van medewerkers, zodat ze vitale leefgewoontes ontwikkelen.
Juist vanwege de verschillen tussen dag en nacht is het belangrijk dat je niet uitgaat van aannames, maar dat je goed monitort en meet. Want daar ontbreekt het in de regel aan: het meten van resultaten. Medewerkers moeten inzicht hebben in de voordelen voor hun eigen gezondheid en werkgevers willen zien wat hen dat weer oplevert.
Duidelijk beleid en visie
Stop met kortlopende en opzichzelfstaande initiatieven. Zorg voor een duidelijk beleid en visie. Hoe?
- Spreek KPI’s (indicatoren) af om te kunnen meten en monitoren.
- Begin met het integreren van een duurzaam en effectief programma.
- Richt dit op het verminderen van gezondheidsrisico’s en verzuim door te werken aan leefstijl, (vitaal) leiderschap en teambuilding.
- Zorg dat je inzicht krijgt in de individuele verschillen tussen onder andere verzuimoorzaken en verloop, en in de data daarover.
Vraag jezelf eens af: wat doet de organisatie om de medewerkers duurzaam inzetbaar te houden in de hedendaagse 24-uurseconomie? Hoe meten we dit? En hoe kunnen we ervoor zorgen dat investeringen in vitaliteit wel lonen?
Dit artikel verscheen in iets andere vorm op PWnet












