In hun advocatenpraktijk merken Erik Lutjens en Mark Heemskerk dat er een aanzienlijke leemte is in de rechtsbescherming van werknemers bij pensioenregelingen. Dat komt in hun ogen doordat de or in veel gevallen onvoldoende invloed heeft op de totstandkoming en uitvoering van pensioenregelingen voor werknemers. Beiden zijn naast hun advocatenpraktijk verbonden aan de Vrije Universiteit; Erik als hoogleraar pensioenrecht en Mark als senior onderzoeker. Vanuit het Expertisecentrum Pensioenrecht van de VU startte Heemskerk een onderzoek naar de oorzaken van de onduidelijke en onvolledige bevoegdheden van de or bij pensioenvraagstukken.
Als er sprake is van een pensioenfonds, dan heeft de or geen enkele formele bevoegdheid bij het vaststellen van de pensioenovereenkomst. De wetgever heeft indertijd beredeneerd dat de werknemer rechtstreeks of via de or is vertegenwoordigd in het bestuur van het pensioenfonds en daar voldoende invloed kan uitoefenen. Maar Heemskerk heeft in zijn onderzoek ontdekt dat deze constructie niet werkt.
Fondsbesturen en or-leden worden vaak voor een voldongen feit gesteld, omdat de pensioenovereenkomst al is vastgesteld door de werkgever voordat met het pensioenfonds afspraken worden gemaakt over de uitvoering daarvan. En bij het vastleggen van de pensioenovereenkomst is dan noch de or, noch het bestuur van het pensioenfonds betrokken. Evenmin is de or betrokken bij de onderhandeling over de uitvoeringsovereenkomst met pensioenfondsen. Heemskerk stelt in zijn boek daarom voor de medezeggenschap in alle gevallen uit te breiden tot de situatie dat de pensioen¬regeling door een pensioenfonds wordt uitgevoerd. De or zou zowel over de pensioenovereenkomst als de uitvoeringsovereenkomst zeggenschap moeten krijgen. Wordt het pensioen door de werkgever ondergebracht bij een verzekeraar, dan biedt de WOR wel mogelijkheden voor de or om zich te bemoeien met de uitvoeringsovereenkomst. Maar helaas zijn deze or-bevoegdheden niet helder vastgelegd en voor meerdere uitleg vatbaar. Ook op dit punt doet Heemskerk in zijn boek voorstellen voor verbetering.
In het boek behandelt Heemskerk verschillende bovenwettelijke mogelijkheden die de or ter beschikking staan om ondanks de wettelijke beperkingen toch invloed uit te oefenen op de uitvoering van pensioenregelingen. Zo kan via de ondernemingsovereenkomst, beschreven in art. 32 WOR, de or bovenwettelijke bevoegdheden krijgen voor zaken waarvoor hij geen instemmings- of adviesrecht heeft. Dus ook bij pensioenregelingen. In de ondernemingsovereenkomst kan bijvoorbeeld zijn afgesproken dat de or meepraat over de keuze voor het type pensioenregeling. Ook is het mogelijk een pensioencommissie te vormen, waarin behalve or-leden ook andere personen een plek kunnen krijgen. Bovendien kan een or ook een pensioendeskundige inschakelen.
Gesignaleerd voor u:
OR en pensioen
Workshop OR & pensioenen op 12 mei 2011












